“Jenever”, Vlaams erfgoed gegroeid uit de landbouw

In 1990 werd de Orde van de Oost-Vlaamse Meester-Distillateurs vzw opgericht, een initiatief van de Economische Raad voor Oost-Vlaanderen (EROV) en een aantal jeneverproducenten. Zij bundelt de krachten van 11 Oost-Vlaamse jeneverproducenten en zet zich in voor de erkenning van de verschillende Oost-Vlaamse graanjenevers.

Beroemde stookwijze van graanjenever

Voor de erkenning bij de consument is het maken van een authentieke en kwaliteitsvolle Oost-Vlaamse graanjenever een eerste basisvereiste.  Hiervoor werd het kwaliteits- en herkomstlabel “O’de Flander” gecreëerd. Draagt een jenever dit label, dan is de consument er zeker van dat het gaat om een authentieke Oost-Vlaamse graanjenever. De herkomst van die graanjenevers gaan terug op de aloude traditie van de Oost-Vlaamse graanjeneverstokers verspreid over de grote oude boerderijen. Volgens die aloude traditie zijn volgende 4 stappen noodzakelijk in het proces van Jeneverstoken. Het zijn mouten, beslaan, gisten en distilleren.

De ingrediënten moeten in de provincie Oost-Vlaanderen gedistilleerd worden. Vooral het progressieve landbouwsysteem waarbij de spoeling, als nevenproduct van de distillatie, aan de runderen werd gegeven als voedsel maakte onze stookwijze beroemd. De mest zorgde voor vruchtbare gronden, waarop nieuwe graangewassen konden groeien. Deze graangewassen werden dan aangewend voor de graanjeneverproductie.’ Weinigen weten dat omstreeks 1883 een kwart van de industriële stokerijen en twee derden van de landbouwstokerijen in Oost-Vlaanderen gevestigd waren. Terecht kan dus gezegd worden dat Oost-Vlaanderen toen het centrum van het jenevergebeuren was.

Jenever is van Vlaamse oorsprong

Onze Vlaamse Jenever is één van de oudste gedistilleerde dranken in Europa met een rijke geschiedenis. Het oudste schriftelijke bewijs van een oervorm van Jenever is te vinden in het boek “Der Naturen Bloeme” van  de Brugse monnik Jacob Van Maerlant uit 1269. Het boek werd geschreven in de volkstaal en heeft het over jeneverbessen gekookt in wijn als medicijn tegen krampen en maagpijn.

De oudste vermelding van het drankje met de naam “Jenever” vinden we terug in het boek “Een Constelijck Distileerboec” uit 1552 van de Antwerpse medicus Philippus  Hermanni. Hij noemt het daar “ Aqua Juniperi”.  Voor alle duidelijkheid dit is 98 jaar eerder dan de Nederlander Franciscus Sylvius met zijn “Genova”!

Engelse Gin is onze verbasterde Jenever

De val van Antwerpen in 1584 waarbij de Spanjaarden de Nederlandse en onze Vlaamse protestanten verdreven is voor onze Jenever drinkers één grote ramp. De protestanten vluchten voor de helft naar het noorden en namen hun Jenever mee. Vanuit Engeland werden er ook troepen gestuurd om de protestanten tegen de Spanjaarden te helpen, tevergeefs. Deze soldaten leerden onze Jenever kennen en noemden het “Dutch Courage”, ja, je moest “courage” (=uit onze taal) hebben om tegen de Spanjaarden te vechten. Eens terug in Engeland maakte men daar zelf met kruiden van ter plaatse onze Jenever na. Ze noemden het “Gin” een afkorting van onze “Genièvre”, ja, de bovenklas bij ons en in Nederland sprak toen ook al Frans. In de Verenigde Staten sprak men in de 19de eeuw trouwens over Jenever als “Holland Gin”.

Een drooglegging van 99 jaar

Door de vlucht van heel wat protestantse Vlamingen met kennis en kapitaal naar Nederland begon daar in de 17de eeuw de “Gouden Eeuw”. De Jeneverproductie kende ginds  in de steden een grote ontwikkeling. Bij ons verboden de Spanjaarden gedurende 99 jaar de Jenever productie, enkel Hasselt, dat toen onder het Prinsbisdom Luik viel ontsnapte daaraan. Tegen de 19de eeuw was het Nederlandse  Schiedam uitgegroeid tot wereldcentrum van de Jeneverproductie, maar op het einde van die eeuw was daar alweer niet veel van te merken. In Vlaanderen had men de kolomdistillatie uitgevonden, en dank zij de industrialisatie nam ons land de wereldwijde exportrol over van Nederland. Begin 20ste eeuw gooide de wet Vandervelde roet in het eten, hij verbood de verkoop van sterke drank op café. Slechts in 1983 werd die wet afgeschaft. Vermoedelijk zorgde die wet voor een sterke biercultuur in ons land.

Ten slotte kent onze Jenever de eer die hem toekomt. In 2008 keurde Europa een wetsvoorstel goed waarbij enkel Jenever uit België, Nederland, Duitsland (Nordrhein-Westfalen en Niedersachsen) en Noord-Frankrijk (departementen Nord en Pas-de-Calais) zich zo mag noemen. Tot slot, de Vlamingen waren de eersten die voor de gezelligheid een druppel gingen drinken en niet als medicijn. Eerlijk gezegd dat verbaast ons niets!

Ter promotie van de Oost-Vlaamse graanjenever

Het “O’de Flander” label is een kwaliteits- en herkomstlabel ter promotie van de echte Oost-Vlaamse graanjenever. Jenever kan pas het label O’de Flander verkrijgen als hij in Oost-Vlaanderen vervaardigd is op basis van graanalcohol en met een minimum alcoholgehalte van 35 % vol. Tijdens de Horeca beurs in het Gentse “Flanders Expo” hield midden november 2017 de Orde van Oost-Vlaamse Meester-Distillateurs hun 27 ste kapittel. Ons VjV-lid Guy Van Rysseghem, ambassadeur voor de Oost-Vlaamse graanjenever (r.) verbroederde met Marc Symoens (l.) van de Orde van de Roze Olifant onder het motto “Met bier en jenever altijd plezier!”.

De voorzitter van de Orde, Brecht Carels directeur EROV, wees op het belang en de troeven van een Europese erkenning voor de Oost-Vlaamse graanjenever. De ceremonie werd gecoördineerd door secretaris Chantal Gheysen, directieadviseur EROV.

Over de auteur

Verwant

Geef commentaar