Parlementaire vraag

Heel onlangs kreeg onze vereniging een mail van Vlaams Parlementslid Bart Caron. Er werd gevraagd om informatie te verschaffen zodat minister van Media Sven Gatz kon antwoorden op parlementaire vragen.   Wij wilden alvast de inhoud van deze vragen met jullie delen.  De komende dagen krijg je dan ook de antwoorden hierop, hou dus de website in de gaten.

 

DIGITAAL INTERACTIEF
INGEDIEND EN ONDERTEKEND
VLAAMS PARLEMENT

Ingediend op: 16/01/2016 om 14:36u

Vraag om uitleg nr. 835 (2015-2016)

 

Vraag om uitleg van Bart Caron aan Sven Gatz, Vlaams minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel, over de beroepsverenigingen voor journalisten

 

Er zijn in Vlaanderen meerdere beroepsverenigingen voor journalisten. Er is de VVJ, de Vlaamse Vereniging van Journalisten, met een vijftal medewerkers. En er is de VJV, de Vlaamse Journalistenvereniging. Ik meen te begrijpen dat de eerste organisatie zich hoofdzakelijk richt tot beroepsjournalisten en de tweede tot freelancejournalisten.

De werking van de VVJ wordt alom gerespecteerd. Ze bezorgen de leden een heel aantal voordelen en zijn actief op vele terreinen: begeleiding van beginnende journalisten, de erkenning van beroepsjournalisten, de officiële perskaart voor beroepsjournalisten, sociale onderhandelingen, actief rond bronnengeheim, redactionele onafhankelijkheid, werking rond zelfstandigen, het aanvullend journalistenpensioen, auteursrechten, persvrijheid, ze staan in voor lobbying enz.
De VJV doet gelijkaardige zaken: een lidkaart die je identificeert als journalist-lid van de Vlaamse Journalisten Vereniging., gratis of tegen verminderd tarief toegang tot de leden-evenementen die de Vlaamse Journalisten Vereniging organiseert, lid van een grote community journalisten/fotografen, waarvan de Vlaamse Journalisten Vereniging de belangen verdedigt, de werkomstandigheden van al onze leden verbeteren en het wettelijk kader optimaliseren. Zij stellen ook dat ze als representatieve journalistenvereniging, erkend door de Vlaamse overheid, ondersteunen ze de leden met informatie, advies en know-how enz.

Deze oplijsting is afkomstig uit de websites van beide verenigingen. Ze roept bij mij meer vragen op dan ze antwoorden bezorgt.

In de beleidsnota van de minister is er enkel sprake van de VVJ. Er staat: “De Vlaamse Vereniging van Journalisten – afgekort VVJ – is de beroepsvereniging die de professionele, sociale en intellectuele belangen van de Vlaamse beroepsjournalisten behartigt. De VVJ heeft een zeer representatief karakter en is op verschillende fora spreekbuis voor de Vlaamse beroepsjournalisten. Ik wil er voor zorgen dat de VVJ de resultaten en aanbevelingen van het monitoringonderzoek van het Steunpunt Media via de eigen kanalen en netwerken verspreidt, en dat de VVJ ook niet-professionele journalisten informeert en adviseert.

Hoe zinvol is het dat Vlaanderen twee (of meer?) journalistenverenigingen heeft? Blijkbaar is de VVJ in de praktijk de enige representatieve organisatie.

Dat doet de vraag rijzen of die andere vereniging, de VJV wel representatief is. Hoe dan ook, leden ervan melden me dat hun perskaart vaak niet erkend wordt en de houders geen toegang krijgen tot diverse activiteiten waar ze als journalist wensen bij betrokken te worden. Dit zou het gevolg zijn van het feit enkel de perskaart van de VVJ officieel zou zijn.

Is de federale overheid nog bevoegd voor één of ander aspect. Dat is me onduidelijk. De indruk wordt door sommigen gewekt dat de erkenning van een beroepsvereniging voor journalisten door het ministerie van Binnenlandse zaken gebeurt.

Ik verwijs in dit geval naar de wetgeving rond de erkenning als beroepsjournalist. De wetgever heeft, in een wet van 30 december 1963, voor professionele journalisten de titel van ‘beroepsjournalist’ ingevoerd heeft. Alleen wie sedert twee jaar zijn (hoofd)beroep maakt van journalistiek, en dit in een medium dat algemene berichtgeving verstrekt, kan aanspraak maken op deze titel. Professionele journalisten die voor gespecialiseerde media werken, kunnen aanspraak maken op een eigen titel: die van ‘journalist van beroep’.

De complexiteit is hoog. Er zijn nog tal van andere verenigingen zoals de Nationale Vereniging voor Beroepsfotografen, Sportpress.be, Unie van de Belgische Filmpers (UBFP), Vereniging van Belgische Bierjournalisten (VBB) (!), Vereniging van de Belgische Muziekpers, Vereniging van de Journalisten van de Periodieke Pers, Vlaamse vereniging van Beeldjournalisten (VVBJ).

 

Daarom de volgende vragen:

  1. Welke verenigingen zijn voor de Vlaamse overheid representatief en derhalve een gesprekspartner? Worden de VVJ en de VJV, de algemene verenigingen, op dezelfde wijze betrokken?
    2. Wordt er regelmatig overlegd, met welke organisaties?
    3. Kan de minister verklaren waarom er in Vlaanderen meerdere beroepsverenigingen voor journalisten zijn, ik bedoel de algemene (VVJ en VJV)?
    4. Is dergelijke versnippering zinvol?
    5. Worden beide verenigingen (VVJ en VJV) gesubsidieerd? Op welke basis/regelgeving gebeurt dat? Worden nog andere verenigingen van journalisten gesubsidieerd?
    6. Is de federale overheid nog bevoegd voor één of ander aspect met betrekking tot de belangenbehartiging voor journalisten?
    7. Hoe worden aan journalisten perskaarten uitgereikt? Welke verenigingen zijn hiervoor bevoegd? Is er een onderscheid tussen beroepsmensen en freelancers? In welke gevallen is zo’n perskaart een officieel erkend document? Is de Vlaamse overheid al dan niet betrokken hierbij?

Over de auteur

20 jaar actief in de mediaproductie van vakbladen, websites voor de beauty & wellness sector, juwelen en uurwerken sector, BtoB en BtoC. Communicatiecoach en zaakvoerder.

Verwant